Huisdieren

24 mei 2016

Nederland telt ongeveer 3 miljoen katten en bijna 2 miljoen honden als huisdier. In de afgelopen eeuw heeft de gezondheidszorg voor huisdieren zich sterk ontwikkeld. Dit komt enerzijds door de verbetering van de diagnostiek en de behandelmethoden en anderzijds door de veranderde positie van het huisdier.

Vrijwel alle geneesmiddelen en medische voorzieningen voor (huis)dieren komen voort uit de gezondheidszorg voor mensen. Bij deze ontwikkelingen zijn ook dierproeven gedaan. Zo behandelen artsen kankerpatiƫnten met chemotherapie, radiotherapie (bestraling) en beenmergtransplantatie. Deze behandelmethoden waren in eerste instantie bedoeld voor mensen en worden inmiddels ook toegepast bij dieren met kanker. In 2010 opende de Universiteit Utrecht het eerste bestralingscentrum van Nederland voor de behandeling van honden en katten met kanker.

Soms verloopt de ontwikkeling andersom. Het middel Ivermectine is bijvoorbeeld ontwikkeld tegen een parasitaire aandoening bij schapen. Het bleek echter ook werkzaam tegen rivierblindheid, een tropische ziekte die alleen bij mensen voorkomt. Diergeneesmiddelen met inbegrip van preventieve middelen testen de onderzoekers op het ‘doeldier’, in geval van Ivermectine op schapen. Dierenartsen in opleiding doen ook testen met honden en katten. Het aantal dierproeven is spaarzaam en dient rechtstreeks de gezondheidszorg.