De Centrale Commissie Dierproeven (CCD) is de enige organisatie in Nederland die bevoegd is om projectvergunningen voor dierproeven te verlenen. Een project kan uit één of meer dierproeven bestaan en heeft een maximale geldigheid van vijf jaar.
De CCD verleent een projectvergunning als het onderzoek of onderwijs belangrijk is. En dan dient de aanvraag ook te voldoen aan de 3V’s: Vervanging (de dierproef kan niet worden vervangen door een andere methode); Vermindering (er worden zo min mogelijk dieren gebruikt om het doel te bereiken); Verfijning (de dieren hebben zo min mogelijk last van het gebruik in dierproeven).
De CCD signaleert en beoordeelt kansen op het gebied van de 3V’s en maakt dilemma’s in het gebruik van dieren voor onderzoek duidelijk. Hiermee draagt de commissie bij aan verantwoord proefdiergebruik in Nederland.
Eén van de wettelijke taken van de CCD is de erkenning van Dierexperimentencommissies (DEC’s) in Nederland. De zeventien erkende DEC’s functioneren meestal lokaal. De CCD ziet toe op:
Binnen de instelling die met proefdieren werkt, houdt de Instantie voor Dierenwelzijn (IvD) toezicht op het welzijn van de proefdieren en bevordert de vermindering en verfijning van dierproeven binnen de instelling. Daarnaast zorgt de IvD voor naleving van de wet- en regelgeving voor dierproeven en proefdieren.
Naast een IvD moeten de instellingen zich ook verzekeren van diergeneeskundig advies over het welzijn, de gezondheid en de behandeling van de proefdieren. De gecontracteerde dierenarts moet deskundig zijn in de proefdiergeneeskunde.
Deel deze pagina