Europese Commissie druk met review dierproevenrichtlijn 2010/63

30 augustus 2017

De Europese dierproevenrichtlijn 2010/63/EU (opvolger van 86/609) had begin 2013 in de nationale regelgeving van de lidstaten geïmplementeerd moeten zijn. In Nederland werd deze richtlijn in 2014 vastgelegd in de Wet op de dierproeven (Wod). In die EU-dierproevenrichtlijn is bepaald dat de Europese Commissie (EC) de richtlijnen in 2017 moet evalueren, iets dat een zeer voorlopig karakter heeft gezien de korte tijd na invoering. De EC had te maken met het Citizens’ Initiative Anti-vivisection, een officiële petitie met ongeveer 1,2 miljoen handtekeningen uit ten minste zeven lidstaten; de meeste handtekeningen kwamen uit Italië. In 2015 werd de ontvangst van de petitie gevolgd door een hoorzitting in het Europees Parlement. De petitie werd door de EC gemotiveerd afgewezen, onder andere vanwege de misinterpretatie van de Europese dierproevenrichtlijn.

In december 2016 werd in Brussel een congres georganiseerd om de toekomst te verkennen: Non-animal approaches – the way forward. Het congres was goed georganiseerd en werd uitstekend voorgezeten. Het was een gedachtewisseling zonder harde conclusies. Verslag en voordrachten zijn te vinden op de website van de Europese Unie.

Evaluatie Richtlijn 2010/63/EU

Eind maart 2017 werd een EU-bijeenkomst gehouden om Richtlijn 2010/63/EU te evalueren. Het algemene beeld was dat het goede wetgeving is met enkele duidelijke verbeteringen gericht op de bescherming van dieren. Wel is er een aanzienlijke toename van administratieve lastendruk en in sommige lidstaten van ondoelmatige stapelingen.

Het evaluatierapport moet in november 2017 klaar zijn.